Mauritius
2011
HOME
KAART
REIZEN
FOTO'S
VIDEO'S
LINKS
CONTACT
Route :  Brussel - Paris - Plaisance - Bel Ombre - Souillac - Curepipe - Port Louis - Pamplemousses - Cap Malheureux - Grand Baie -
              Port Louis - Vacoas - Grand Bassin - Chamarel - Le Morne - Bel Ombre - Plaisance - Paris - Brussel

Wil je per TGV  tijdig de nachtvlucht naar Mauritius halen in Parijs dan moet je kort na de middag vertrekken. Zeker wanneer je minder dan 100 m van het station woont en het in hartje Vlaamse Ardennen zondagdienst is bij onze nationale spoorwegentrots. Een achttal uren later vliegen we met Air Mauritius (uitgevoerd door Air France) in minder dan 11 uren naar de parel in de Indische Oceaan. Parels liggen nu eenmaal niet voor het rapen. Dit om te zeggen dat deze bestemming ver, heel ver is.
 
We landen op Sir Seewoosagur Ramgolam International Airport in Plaisance (what's in a name), waarna een chauffeur ons naar het zuiden van het eiland brengt. Onderweg krijgen we een waterval aan informatie over ons heen waarvan we nog net het volgende wisten te onthouden. Mauritius ligt 855 km ten oosten van Madagaskar en 1800 km uit de kust van het Afrikaanse vasteland en is amper 2040 km² groot. Het behoort tot Afrika. Samen met Réunion en Rodrigues vormt het de Mascarenen archipel. Het eiland bezit een 177 km lange smalle kusstrook met daarachter een oprijzend laaggebergte
 
en middenin een plateau van 600 m hoog gevormd door lava en uitgedoofde kraters. In het binnenland gezegend met enkele rivieren, meren en watervallen. Bijna heel het eiland is omgeven door een koraalrif.
Mauritius zou reeds in de 10e eeuw bekend geweest zijn bij Arabieren  maar bleef onbewoond. Het waren de Portugezen die het in 1507 ontdekten en er een stopplaatst van maakten tijdens hun zeetochten van en naar het oosten. Het waren echter de Nederlanders die het in 1598 een naam gaven naar Prins Maurits, zoon van Willem van Oranje. Zij introduceerden het suikerriet maar beroofden tevens het eiland van zijn bossen omwille van het ebbenhout. Maar ze deden meer. Zij zijn er mede de oorzaak van dat de Dodo, een kalkoenachtige vogel van één meter hoog en ongeveer 20 kg, welke enkel hier leefde, is uitgestorven. Die loopvogel was zo vriendelijk dat hij zich gewillig liet vangen en binnen de 100 jaar waren alle Dodo's door de Hollanders opgegeten. En zeggen dat we Brusselaars nog steeds kiekenfretters durven noemen ! De
Dodo is het symbool van Mauritius geworden.
Achtereenvolgens werd het eiland bezet door de Fransen in (1795) die het Ile de France doopten en door de Engelsen in (1810) die het eiland bevolkten met slaven uit Madagaskar en Afrika. Mauritius werd onafhankelijk in 1968 en is sinds 1992 een parlementaire republiek. Per km² is het, net als ons landje, één der drukstbevolkte ter wereld.De 1,3 miljoen inwoners zijn afstammelingen van bevolkingsgroepen uit de ganse wereld: Europese kolonisten, Afrikaanse slaven en arbeidskrachten uit India. Ook diverse godsdiensten worden naast elkaar beoefend en getolereerd. Zo zijn er 60% hindoes, 20% christenen, 10% moslims en 10% taoïsten enz. Een smeltkroes dus van rassen en talen. Men spreekt er Frans en Engels (administratieve taal) maar onder elkaar spreken ze Creools, Indisch of Chinees. One land , Many Peoples, All Mauritians !
De economie die vroeger uitsluitend op landbouw, meerbepaald op suikerriet gebaseerd was, is de jongste jaren verrijkt met een grotere diversiteit o.a. diensten (callcenters ,communicatieoperatoren) textiel en uiteraard het toerisme. Suikerriet neemt evenwel nog steeds 90 % van landbouw in en staat borg voor 25 % van de inkomsten uit export. Het internationale toerisme wil men hier graag selectief en kwalitatief houden. Zo verleent de overheid geen landingsrechten aan chartervluchten. Deels uit protectionisme voor de eigen maatschappij Air Mauritius, maar ook om te verhinderen dat massatoerisme de eigenheid van dit paradijselijke eilandje zou aantasten. Pure verwennerij in de vele hoge standaardhotels die het eiland rijk is. Daar hangt natuurlijk een aardig prijskaartje aan vast maar je krijgt er dan ook de beste service voor terug. Vandaar dat Mauritius een naam verworven heeft als ideale bestemming voor trouwpartijen en huwelijksreizen. 
Aldus bereiken we de tweede en hoogste stad van het eiland, Curepipe dat op 550m hoogte ligt. Van deze stad die 60.000 inwoners telt zegt men dat zij het aangenaamste klimaat hebben. Altijd iets koeler, steeds een licht briesje maar ook de meeste regen. Mauritianen zeggen dat er hier slechts twee seizoenen zijn: de regentijd en de tijd van de regen. Curepipe zou zijn naam gekregen hebben omdat het een rustplaatst was voor diegenen die van het noorden naar het zuiden reisden en hier dus even de tijd namen om een pijp te stoppen. De stad is uitgegroeid tot een centrum van de modelscheepsbouw. Voor een van deze handgemaakte scheepsmodellen heeft een arbeider ongeveer 4 maanden nodig. De prijzen zijn navenant en lopen al gauw in de duizendtallen euro. De productie ervan kan men gaan bekijken in een van de oudste ateliers de Comafora. Ten westen van de stad rijden we tegen de vulkaan op tot aan de rand. Le Trou au Cerfs is dichtbegroeid maar is toch 100 m  diep en 80m breed. Het uitzicht aan de overkant is zowaar nog meer indrukwekkend.
Van hieruit zie je bijna de ganse westkust van Mauritius met de imposante bergketen Les trois Mamelles en le Mont du Rempart (545m). Ook kan je zien hoe de steden Quatre Bornes, Rose Hill en Beau Bassin, gebouwd aan de voet van de berg Corps de Garde, aaneengegroeid zijn tot één grote stad. De grootste, de hoofdstad met 160.000 inwoners, ligt netjes verscholen achter de bergen. En daar trekken we heen
Van een hoofdstad weet je dat je er kan gaan shoppen, dat het verkeer er hectisch is, meestal veel te druk en lawaaierig. Op Mauritius is dat niet anders en daarvoor zijn we niet naar hier gekomen. Port Louis werd in 1736 door de Fransen gesticht en genoemd naar koning Lodewijk XV. Naast hoofdstad is Port Louis uiteraard de grootste haven van het eiland. Als men weet dat alles, maar dan ook alles, hier moet ingevoerd worden weet je meteen hoe belangrijk deze wel is voor de Mauritianen en voor de tewerkstelling. Om een overzicht van deze haven te krijgen trekken we naar boven naar de citadel.
Fort Adélaïde was oorspronkelijk een verdedigingsfort en werd gebouwd door de Engelsen in 1834.Van hieruit krijg je een geweldig zicht over de haven en de stad. Aan je voeten ligt de Champ de Mars, na Ascot in Engeland , de oudste paardenrenbaan ter wereld. Reeds in 1812 bestond hier de Turfclub en nog steeds worden de tradities in ere gehouden en loopt het rennenseizoen  jaarlijks van Mei tot December. De Citadel is intussen omgevormd van verdedigingsbastion tot een cultuurcentrum met tentoonstellingen, concerten enz. Op 11 km van de hoofdstad ligt het stadje Pamplemousses, waarvan de naam gelinkt wordt aan de ingevoerde citrusvrucht die er groeidde bij de rivier, en waar je uren kan wandelen door een van de mooiste en soortenrijkste botanische tuinen van de wereld. Dus voor de bezoeker aan Mauritius een absolute must. 
Meer dan 300 jaar geleden gesticht door een Frans gouverneur heette het toen Jardins de Mon Plaisir (zijn woning), later ook Jardin Botanique Royal. Het was echter botanist Pierre Poivre, ook wel “missionaris van de kruiden” genoemd, die er zijn huidige betekenis aan gaf door diverse planten en bloemen van over gans de wereld naar hier te importeren. Meer dan 800 plantensoorten waaronder minstens een 60 tal verschillende palmbomen. Bijzonder is de Talipotpalm die 40 tot 80 jaar oud kan worden voor hij voor het eerst (en laatst) bloeit.
Maar Pamplemousses is vooral bekend om haar prachtige grote waterlelies (Victoria Amazonica), die een gewicht kunnen dragen van 45 kg. De tuin  werd pas in 1988 herdoopt in Sir Seewoosagur Ramgoolam Botanical Gardens als eerbetoon aan de man die Mauritius naar de onafhankelijkheid leidde. Via verschillende mooie wandelpaden en lanen kom je voorbij vijvers en terrassen en eeuwenoude bomen en kruiden.
 
 
Het meest noordelijke punt van het eiland op onze route is Cap Malheureux. Hier landden de Engelsen in 1810 en veroverden het eiland op de Fransen. Toch is dit niet de reden waarom deze kaap deze ongelukkige naam meekreeg wel omdat  de moessoncyclonen hier aan land komen op hun vaak verwoestende tocht. Toch  is Cap Malheureux wellicht het meest idyllische, meest romantische en meest pitoreske plekje van Mauritius. Een wijde lagune met rustig klotsend water, wiebelende bootjes en hier en daar een visser  
Verder een prachtig uitzicht op de eilandjes voor de kust : Coin de Mire en Ile Plate plus op het voorplan, glimmend in de zon, het in koloniale stijl opgetrokken rode katholieke kerkje Notre Dame Auxiliatrice. Echt een plek om weg te dromen en te vergeten dat door de opwarming van de aarde over vijftig jaar Mauritius door de oceaan zal verzwolgen zijn en dat we na 1 jaar nog steeds geen regering hebben, dat er elders dictators op betogers schieten en dat er in Europa, omwille van een dodende bacterie, even geen komkommertijd is.

Eigenlijk wordt de ganse noordkust gekenmerkt door sprookjesachtige baaien en stranden en diepblauwe en groene lagunes. Het is bijgevolg ook daar dat het wemelt van de luxehotels.
Grand Baie is daar het sprekende voorbeeld van. Het vroegere vissersdorp is uitgegroeid tot een ware mondaine toeristenstad met een druk en lawaaierig centrum, vele shoppingcentra,  restaurants in overvloed en een bruisend uitgangsleven met discotheken bij de vleet. Neen bedankt !
Even verder moeten we terug het verkeer van de hoofdstad trotseren en geraken we zelfs vast in een file. Graag willen we een kijkje nemen bij het nieuwe architecturale project en trots van Port Louis, het hypermoderne shoppingcenter Caudan Waterfront. Beslist een geslaagde realisatie met een combinatie van oude en futuristische bouwstijlen, volgepropt met taxfree boetiekjes, eethuisjes en terrassen met zicht op een deel van de haven. Er is zelfs een casino. Misschien leuk voor regenachtige dagen, maar geef ons toch maar het V&A Waterfront van Cape Town of beter nog geef ons de ware schoonheid van Mauritius: zijn natuur.

Onderweg naar het zuiden rijden we naar het
Mare-aux-Vacoas, het meer dat dient als zoetwaterreservoir voor het ganse eiland. Lindsay merkt op dat er hier een  probleem is dat we zelf kunnen vaststellen: een ernstig watertekort. Het grootste binnenmeer van Mauritius staat op een zeer laag peil want het heeft tijdens het jongste regenseizoen nauwelijks of toch veel te weinig geregend. Ook dit zou te wijten zijn aan de klimaatsveranderingen die we wereldwijd zien.
In de verte duikt een beeld op. Het is het 80 meter hoge beeld van de god Shiva, voor de Hindoes de meest heilige plek op Mauritius, Grand Bassin. Dichterbij zien we hoe het reusachtige beeld is opgetrokken uit beton en geverfd is in een bronskleur.   
Grand Bassin is een stukje India op Mauritius. Het water van het kratermeer is even heilig als dat van de Ganges. Volgens de legende overvloog Shiva de wereld. In zijn bagage stak de Ganges om India te beschermen tegen overstromingen. Toen hij het onbewoonde Mauritius zag en er wou landen vielen enkele druppels uit zijn van bloemen gemaakte luchtschip in de gedoofde vulkaan en vormden aldus het heilige meer. Boven het water glanst het gouden dak van een hindoetempel. Dagelijks kan je hier offers zien brengen of rituele zuiveringsceremoniën meemaken. Hoogtepunt is echter het Maha Shivaratri feest in februari/maart (naargelang de stand van de maan) waarbij de Hindoes massaal  pelgrimstochten ondernemen naar Grand Bassin.
Via de theevelden en de hoogvlakte Plaine du Champagne bereiken we aldus het charmante dorpje Chamarel, genaamd naar Antoine de Chamarel die in de 18e eeuw koffie, vanille en peper naar Mauritius bracht. Nog steeds wordt koffie geteeld in dit gebied. Vanaf hier begint het grootste natuurreservaat van het eiland Black River Gorges. Het beslaat 3,5% van het eiland. Op meer dan 65 km² vindt men de overblijfselen van het regenwoud met de enige overgebleven hardhoutbomen en talloze diersoorten en met vele spectaculaire uitzichten over het Nationale Park en over de hoogvlakte. Voor de natuurliefhebbers is dit een paradijs met vele wandelpaden, wel 60 km in totaal. Eén ervan loopt naar het hoogste punt op Mauritius: Piton de la Riviere Noire (825m). De geoefende stapper kan hier de roze duif, de Mauritius fruitbat (vleermuis) , bontgekleurde gekko’s, makaken en andere lieve diertjes op zijn weg tegenkomen.
Merkwaardig op de site is de  Cascade de Chamarel, de waterval waar het water zich 90 meter diep gooit en Les Terres de Couleurs. Die laatste werd pas in de jaren zestig van vorige eeuw een toeristische attractie. Het kale stuk grond glanst in verschillende kleurtinten dankzij de diverse hoeveelheden geoxideerde metalen in de grond. Het nationale park met de site van Chamarel werd door de Unesco op de lijst van het werelderfgoed geplaatst
 
We naderen het meest zuidwestelijk gedeelte van Mauritius met het schiereiland, dat eigenlijk privaatbezit is, Le Morne met de berg Le Morne Brabant (556m) 45km van Port Louis. Onder de slavernij in de 18 en begin 19e eeuw vluchtten de Marrons (zwarte slaven) naar de bergen om zich te verschuilen uit angst voor hun meesters.Toen de slavernij in 1835 werd afgeschaft werd er een expeditie opgezet om het goede nieuws te gaan melden. De slaven interpreteerden dit echter verkeerd en uit angst gooiden velen zich van de berg liever dan terug te moeten keren naar het slavendom.Ten gevolge hiervan prijkt aan de voet nu een gedenkteken als eerbetoon voor de slaven en hun strijd voor vrijheid, in 2008 uitgeroepen tot werelderfgoed. De doodlopende weg hierheen leidt tot aan het witte koraalstrand van Le Morne. De ideale plek voor surfen en kitesurfen. Langs deze weg enkele hyperluxueuze hotels en zelfs een paar 18 hole golfbanen. Aan de andere kant van de rots de plage publique voor de locals en  vissers met schamele woningen. Verderop neemt het suikerriet weer de bovenhand tot in Bel Ombre.
Vrijwel gans dit eiland is omgeven door koraal. De onderwaterwereld is minstens zo mooi als het landschap boven water. Bij ieder hotel en vanaf elk strand kan je een tocht maken met een glasbodemboot. Iets wat we alleen kunnen aanbevelen. Vermits hier niet de minste pollutie te bespeuren valt geloof je bijna je eigen ogen niet wanneer je over het water glijdt. Je kan vele tientallen meter diep kijken en genieten van de eekhoornvissen, zeesterren,
anemonen en koralen in verschillende kleuren en vormen. Gewoon prachtig !

Van dit eilandje hebben we lang niet alles gezien en verteld maar er zijn vele eenvoudige dingen die een verblijf aldaar uniek maken. Niet in het minst de vriendelijkheid van de mensen. Het lekker eten met een combinatie van keukens uit de hele wereld aangepast met een creools kruidenpalet. De prachtige natuur, de onvergetelijke zonsondergangen, telkens anders en toch weer verrassend. En dan vergeet ik nog de creoolse
Sega, één van de weinig nog echte Afrikaanse cultuuruitingen, een sensuele soul-dans uit de slaventijd die uitgegroeid is tot de nationale dans van Mauritius.
From one citizen you gather the idea that Mauritius was made first, and then heaven, and that heaven was copied after Mauritius.
Another one tells you that this is an exaggeration.
                                                                      
Mark Twain
Of ze dat kunnen volhouden in deze snel evoluerende wereld is weer een andere vraag. 
Wanneer we in Bel Ombre aankomen bij
Hotel Tamassa is het al een stuk na de middag. Het tijdsverschil met het thuisfront bedraagt 2 uur in de zomer en 3 in de winter. Ondertussen zijn we ongeveer 24 uur onderweg. Morgen vakantie !
Zalig nietsdoen kan perfect op de prachtige stranden hier in het zuiden maar er is meer. Daarvoor moet je echter buiten de omheinde palaces komen. De zuidkust is wellicht nog de meest authentieke van gans het eiland. De hele kustlijn leunt aan tegen de uitgestrekte suikerrietvelden. Met het binnenlandse gebergte als achtergrond levert dit al een mooi plaatje op. Hier zijn de luxe hotels niet zo dik gezaaid maar is er ruimte voor fiets- en wandeltochten. Het zuiden biedt een ruime keuze aan watersporten (duiken,surfen,kiten) maar bezit ook enkele gereputeerde 18 hole golfterreinen. Voor onze ontdekkingstocht hebben we een taxi ingehuurd en Lindsay is daarbij onze chauffeur en gids. Via een aangename en bijna desolate  kustweg beginnen we bij het meest zuidelijke punt in
Souillac. Daar zijn geen zwemstranden maar zien we de geweldig mooie rotskusten van le Gris Gris. Hier is de oceaan zo onstuimig dat de golven zich te pletter slaan tegen de steile basaltrotsen. Er hangt vaak een soort grijze mist door het opspattende water. Eén klip waar de golven permanent op inbeuken, en zodoende een schreiend geluid teweegbrengen, heet La Roche qui Pleure ! De Fransen zeggen dat het veel gelijkenis vertoont met Bretagne, met de Schotse kust zeggen de Britten. Die twee zullen het nooit eens worden ! Via kronkelende maar goed onderhouden wegen rijden we (links) verder het binnenland in langs kleine dorpjes. Het is erg afwisselend, soms tussen metershoge rietstengels, soms over pittige heuvels. Het herinnert zowel aan Afrikaanse als aan Caribische toestanden.
Find more about Weather in Plaisance, MA
Click for weather forecast
naar het fotoalbum